Pauze Start

Eten en drinken

Tijdens het eerste half jaar heeft je kind in principe geen andere voeding nodig dan moeder- of flessenmelk in combinatie met aanvullende vitamine D.

De hoeveelheid voeding kun je aanpassen aan je kind. Bij borstvoeding doe je dat op gevoel, bij flessenvoeding kan je de vuistregel van 150 cc per kilogram lichaamsgewicht hanteren.

Sommige kinderen lijken echter al een beetje de behoefte te hebben aan ander voedsel. Hiermee mag je beginnen tussen de vierde en de zesde maand. Omdat melk nog steeds de hoofdmoot van de voeding is, is het handig om je kind na de borst of fles een paar kleine hapjes vast voedsel te geven. Het vaste voedsel dient dan vooral om je kind kennis te laten maken met andere smaken. Wil je meer weten over hoe je kind went aan vaste voeding, lees dan de folder 'De eerste hapjes' of bekijk de flyer 'Voedingsadviezen voor zuigelingen van 4 tot 12 maanden'.

Allergie
Jarenlang werd er gedacht dat het aanbieden van vast voedsel voor de zesde levensmaand de ontwikkeling van allergieën zou stimuleren. Uit onderzoek is gebleken dat het aanbieden van vast voedsel tussen de vierde en de achtste maand, met name in combinatie met borstvoeding, de ontwikkeling van allergieën juist tegengaat.

Waar kun je ons vinden?

Vul hieronder je postcode of woonplaats in en vind snel het consultatiebureau in jouw wijk of gemeente.